BouwBelang 1 - 2026

BOUWBELANG 1 - 2026 17 de aanscherpingen daarvan in de komende jaren, ligt voor. Wij zijn er om te helpen die slag te maken, want voor iedere maar is een antwoord. Van de opleidingen die nodig zijn tot de (regionale) leveranciers van de biobased gecertificeerde producten.” Belangenorganisaties zoals AFNL hebben hierin ook een rol, zegt Van de Groep. “In eerste aanleg door hun achterban te informeren en voor te bereiden op de transitie. Maar ook het stimuleren van het bouwen met biobased materiaal is belangrijk. Met de boodschap ‘als ik nu investeer, ben ik de norm van morgen’ kunnen zij bijdragen aan een toekomstbestendige sector.” Opschalen naar normalisatie Een belangrijke vervolgstap voor de ontwikkeling van biobased bouwen is het opschalen en normaliseren. “We gaan uiteindelijk toe naar CO2-sturing op gebouwen. Daarvoor is de EPBD, de Europese richtlijn om de energieprestatie van gebouwen te verbeteren, in 2024 herzien. De klimaatimpact van gebouwen wordt hierin niet langer beperkt tot het energiegebruik in de gebruiksfase, maar wordt beoordeeld over de hele levenscyclus. Ook de energie die nodig is tijdens de productie van de bouwmaterialen telt dus mee”, zegt Van de Groep. Daarvoor is de WLC-GWP (whole life cycle - global warming potential, red.) geïntroduceerd. “Hierin worden de productfase, de gebruiksfase en de end-of-life-fase apart beoordeeld op hun aandeel in de prestatie van een gebouw. Een bewuste keuze omdat je dan per fase de winst of schade kunt onderscheiden. Er zijn voorstellen om deze fasen samen te brengen in één totaalscore. Dat kan helpen bij vergelijkbaarheid, maar vraagt zorgvuldigheid. Wanneer verschillen tussen productiefase en gebruiksfase minder zichtbaar worden, bestaat het risico dat bepaalde klimaatvoordelen of -nadelen onvoldoende tot hun recht komen. Het is daarom belangrijk dat de uiteindelijke bepalingsmethode recht doet aan de feitelijke koolstofstromen en transparant blijft over waar de impact daadwerkelijk plaatsvindt. Een biogrondstof als hout scoort in alle fases goed omdat het CO2 opneemt, maar de methode kan ook op een manier gemaakt worden waardoor dit voordeel in één klap wegvalt. Dat is winst voor CO2-intensieve materialen. Het is daarom belangrijk om een bepalingsmethode voor die norm te hebben die recht doet aan de dubbele winst die je met behulp van biobased bouwmaterialen kunt behalen: opslag van CO2 en de verdringing van CO2-intensieve materialen.” Samen met nieuw kabinet Hoewel de Nationale Aanpak Biobased Bouwen gefinancierd wordt vanuit het Klimaatfonds van het ministerie van KGG, en daarmee niet direct afhankelijk is van politieke grillen, ziet Van de Groep veel kansen in het verder samenwerken met het nieuwe kabinet. “Met minister Van Essen van LVVN, die als wethouder de drijvende kracht was achter de Vezelvallei en minister Van Veldhoven van KGG die circulariteit hoog in het vaandel heeft, ben ik optimistisch gestemd. Dat mag ook wel, want willen we de circulaire doelen en klimaatdoelen halen dan heb je biogrondstoffen heel hard nodig.” www.buildingbalance.eu “Willen we de circulaire en klimaatdoelen halen dan heb je biogrondstoffen hard nodig“

RkJQdWJsaXNoZXIy NTI5MDA=