BOUWBELANG 1 - 2026 1 Zonwering uit hergebruikte meerpalen En meer: EIB woningdebat | "Aannemers weten goed wat werkt" | Biobased bouwen: “Voor iedere maar is een antwoord” | Werk aan de winkel in Amsterdam | Mkb omarmt prefab | NR 1 Maart 2026 Platform voor bouw & infra
Bekijk onze voorraad Ik heb snel een bedrijfswagen nodig Deze Opel Vivaro en meer dan 700+ bedrijfswagens zijn direct uit voorraad leverbaar. DE NIEUWE TK TEGELSNIJDER DE EERSTE TEGELSNIJDER MET ASYMMETRISCH GEPLAATSTE ENKELE GELEIDER. • 1.500 kg breekkracht • Breekcontrole • Perfect zicht • Snijden tot 21 mm • Ongelofelijk soepel snijden • Hoge stabiliteit • Gemakkelijk vervoeren en opvouwen rubi.com PROFESSIONALS KIJKEN VOORUIT
BOUWBELANG 1 - 2026 3 Verder in dit nummer In deze uitgave Vaste contracten diep verankerd in mkb-dna 36 Geld voor projecten rondom ‘gezond naar het pensioen’ 40 Wijzigingen arbeidszaken 41 Platform voor bouw & infra JAARGANG 18 NUMMER 1 maart 2026 Voorbereiden op biobased Volgens Jan Willem van de Groep, programmaregisseur van Building Balance moeten aannemers zich beter voorbereiden op de toepassing van biobased bouwmaterialen. “We bouwen nu de woningen waarin we in 2050 wonen. Dat betekent dat ze moeten voldoen aan de normen die dan gelden.” pagina14 Oost Gelre vertrouwt op mkb Met een duidelijk en transparant inkoopbeleid weet de gemeente Oost Gelre mkb-aannemers aan zich te binden. Daarbinnen wordt vaak gekozen voor een bouwteambenadering. Die biedt de vrijheid om te komen tot de beste aanpak te komen . pagina20 Werk aan de winkel In Amsterdam wordt het elektriciteitsnet de komende jaren met een factor drie verzwaard. Wat zijn daarbij de kansen voor het mkb bouw en infra? In de zoektocht naar slimmere en snellere oplossingen daagt Energie voor de Stad de markt graag uit. pagina24 Uitgelicht: prefabriceren Steeds meer industriële bouwers en toeleveranciers leveren woningcasco’s van hout of beton. Of zelfs een complete woning, opgebouwd uit kant-en-klare woningmodules. Ook mkb-bedrijven gaan steeds meer prefabriceren en leveren complete prefab woningen. pagina28 In deze uitgave o.a. Cover Het Werelderfgoedcentrum Waddenzee in Lauwersoog beschikt over een bijzondere passieve zonwering. Hupkes Wijma uit Kampen engineerde, produceerde en monteerde de losmaakbare constructie uit gerecycled hardhout. Het uittekenen en plaatsen van de uitkragende zonwering kende een paar bijzondere uitdagingen. pagina10 Colofon en voorwoord Riek Siertsema: Lokale coalities 5 Actueel 6 Wat gebeurt er 9 ‘Schrap regels die niet werken 18 Column Joost Haest: Niet verrekenbare hoeveelheden 23 Mkb omarmt prefab 28 Prefab of traditioneel bouwen? 31 Industriële woningbouw nog steeds in de lift 33 218 regels geschrapt of vereenvoudigd 34 Column Geert Hilferink: Samen naar succes 35
BOUWBELANG 1 - 2026 5 Riek Siertsema, voorzitter Aannemersfederatie Nederland Lokale coalities Terwijl in Den Haag het kabinet Jetten in de startblokken staat om Nederland te gaan regeren, maakt ons land zich alweer op voor een nieuwe verkiezingsronde. In 342 gemeenten kunnen alle stemgerechtigden op 18 maart hun stem uitbrengen voor een nieuwe gemeenteraad. Ik schrijf deze column ruim drie weken voor die verkiezingen, dus de campagnes staan op het punt om echt te beginnen. Ook lokaal staat de wooncrisis hoog op de verkiezingsagenda’s dus alle reden voor ons als sector om nauwlettend te volgen wat de lokale ambities en beloften zijn. In het door het minderheidskabinet gepresenteerde coalitieakkoord stellen D66, VVD en CDA dat ze actief met lagere overheden en op interbestuurlijk niveau willen samenwerken om de woningbouwopgave en uitdagingen in de infrastructuur op te lossen. Dat lijkt mij goed nieuws. Met een straatje erbij en een wijkje erbij kan er op korte termijn lokaal verlichting op de woningmarkt komen. Bij die kleinschalige uitbreiding zijn de infra-uitdagingen bovendien ook nog goed te overzien. Toch zijn er nog voldoende obstakels die in onze ogen aandacht verdienen en waarvoor we aandacht blijven vragen. Zo is een goede oplossing van de stikstofproblematiek op korte termijn noodzakelijk om ruimte te creëren. Ruimte voor bouw, verduurzaming en infra, maar ook ruimte voor landbouw, veeteelt en natuur, zodat de economie vooruit kan en de vergunningverlening weer vlotgetrokken wordt. Daarvoor is het ook essentieel dat de instroom van voldoende vakmensen op peil wordt gebracht. De opgaven in de bouw en infra zijn enorm dus we zijn blij met de toegezegde ‘korte termijn werkagenda voor de arbeidsmarkt en sociale zekerheid’ die de coalitie toezegt. Vanuit de federatie blijven wij erop hameren dat ook de belemmerende arbeidsmarktregelingen worden aangepakt, zoals de loondoorbetaling in het tweede ziektejaar. Die regeling weerhoudt veel mkb-ondernemers van het in dienst nemen van medewerkers. Ook de enorme wildgroei aan regels waarmee het mkb wordt geconfronteerd, blijft onze aandacht vragen en krijgen. De beloofde aanpak van deze regeldruk stemt positief, en als het nieuwe kabinet het mkb als uitgangspunt voor ondernemersbeleid kiest, is de economie als geheel daarbij gebaat. Dat geldt ook voor lokaal beleid. Het mkb is de ruggengraat van de samenleving dus ook samen met gemeentebesturen bouwen we graag aan een sterke toekomst. VOORWOORD © 2026. Nederlandse HandelsUitgaven. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een automatisch gegevens-bestand of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Uitgever en auteurs verklaren dat deze uitgave op zorgvuldige wijze en naar beste geweten is samengesteld. Evenwel kunnen uitgever en auteurs op geen enkele wijze instaan voor de juistheid of volledigheid van de informatie. Uitgever en auteurs aanvaarden geen enkele aansprakelijkheid voor schade, van welke aard dan ook, die het gevolg is van handelingen en/of beslissingen die gebaseerd zijn op bedoelde informatie. Gebruikers van deze uitgave wordt met nadruk aangeraden deze informatie niet geïsoleerd te gebruiken, maar af te gaan op hun professionele kennis en ervaring en de te gebruiken informatie te controleren. BouwBelang verschijnt vier keer per jaar in de maanden maart, juni, september en december in een oplage van 10.000 exemplaren. UITGEVER Aannemersfederatie Nederland Bouw en Infra De Smalle Zijde 20A, 3903 LP Veenendaal Telefoon: (0318) 544 900 E-mail: secretariaat@aannemersfederatie.nl www.aannemersfederatie.nl ONTWIKKELING EN REALISATIE Nederlandse HandelsUitgaven Keulenstraat 8J, 7418 ET Deventer Telefoon: (0570) 861007 E-mail: hugo@handelsuitgaven.nl www.handelsuitgaven.nl BLADMANAGEMENT Frank de Groot REDACTIE Geert Hilferink (hoofdredacteur) E-mail: Geert@bouwbelang.com Arie Grevers Frank de Groot Hans Fuchs Henk Wind REDACTIEADRES Nederlandse HandelsUitgaven Postbus 2273, 7420 AG Deventer E-mail: redactie@bouwbelang.com COÖRDINATIE Rielèn van der Hoek FOTOGRAFIE Kees Stuip , Marcel Krijger, Anrie Trappenburg VORMGEVING EN PREPRESS Ronald Wientjes, Create-by ADVERTENTIE-EXPLOITATIE Nederlandse HandelsUitgaven Hugo Arends Telefoon: (0570) 861007 E-mail: advertentie@bouwbelang.com ABONNEMENTEN, ADRESWIJZIGINGEN, EN OPZEGGINGEN E-mail: info@bouwbelang.com DRUK Damen Drukkers Postbus 14 4250 DA Werkendam COLOFON
BOUWBELANG 1 - 2026 6 EIB positief in rapport: Sterke groei woningnieuwbouw Eindelijk kunnen de komende twee jaar bij de woningnieuwbouw hoge groeicijfers worden gerealiseerd. Dit concludeert het EIB in het verschenen rapport ‘Verwachtingen bouwproductie en werkgelegenheid 2026’. Het aantal opgeleverde woningen dat in het afgelopen jaar maar 68.000 bedroeg, stijgt dit jaar naar verwachting naar 80.000. In 2027 stijgt het aantal verder naar 84.000 woningen. Dit is een stijging van bijna 25% in twee jaar tijd. De voortekenen van de groei bij de nieuwbouw van woningen waren in 2025 al te zien bij de toename van het bouwvolume met 6%. Terwijl het aantal opgeleverde woningen in het afgelopen jaar nog terugliep, werd er al wel meer productie gerealiseerd. De verklaring hiervoor ligt bij een toename van de oplevertijden in samenhang met het opstarten van meer grotere projecten in de afgelopen jaren. Er zitten meer woningen in de pijplijn die nu met vertraging in 2026 en 2027 alsnog op de markt komen. In 2028 neemt het aantal opgeleverde woningen naar verwachting nog verder toe om daarna weer iets terug te vallen en te stabiliseren rond een niveau van 85.000 woningen. Groei bouwvolume Het bouwvolume bij dewoningnieuwbouwneemt de komende twee jaar AFNL over coalitieakkoord: Kansen én aandachtspunten voor bouw en mkb Het nieuwe coalitieakkoord biedt volgens Aannemersfederatie Nederland belangrijke aanknopingspunten voor mkb-aannemers in de bouw. De federatie is positief over de stevige aandacht voor woningbouw, verduurzaming, circulariteit en herbestemming, maar benadrukt dat succes staat of valt met snelle besluitvorming, voldoende vakmensen en minder belemmerende regelgeving. AFNL verwelkomt de inzet op zowel kleinschalige woningbouwconcepten – zoals ‘straatje erbij’ en ‘wijkje erbij’ – als grootschalige plannen voor de langere termijn. Die combinatie is volgens de federatie noodzakelijk om tempo te maken. Ook de keuze voor centrale regie op de ruimtelijke ordening bij de Rijksoverheid wordt als logisch gezien, net als het beschikbaar stellen van voldoende middelen voor infrastructuur en bereikbaarheid van nieuwe woonwijken. Wel is het cruciaal dat de aangekondigde prioritering in infrastructuurinvesteringen hier daadwerkelijk op aansluit, zo oordeelt AFNL. Een belangrijk aandachtspunt blijft de stikstofproblematiek. De federatie gaat ervan uit dat de coalitie nu snel met oplossingen komt, zodat de vergunningverlening weer op gang kan komen. Positief noemt AFNL ook het aangekondigde Nationaal Isolatie Offensief, al is daarvoor eerst duidelijkheid nodig rond de zogeheten vleermuisproblematiek. Hoewel Rijksoverheid en marktpartijen hiervoor oplossingen hebben uitgewerkt, hanteren provincies momenteel uiteenlopende regels. AFNL hoopt dat dit via de aangekondigde interbestuurlijke samenwerking wordt rechtgetrokken en denkt daar graag in mee. Arbeidsmarkt: belemmeringen wegnemen Daarnaast onderstreept AFNL dat de bouwopgave alleen haalbaar is met voldoende vakmensen. De aangekondigde korte termijn werkagenda voor arbeidsmarkt en sociale zekerheid is daarom welkom. AFNL pleit al langer voor het wegnemen van belemmerende arbeidsmarktregelingen, zoals de loondoorbetaling in het tweede ziektejaar, die mkb-ondernemers terughoudend maakt bij het aannemen van personeel. Snelle aanpassing kan zorgen voor meer vaste banen in de bouw. Maatregelen om asielzoekers en statushouders sneller aan het werk te helpen zijn positief, maar onvoldoende. Meer investeringen in opleidingen blijven nodig, met een breed en regionaal gespreid aanbod van bouw- en bouwgerelateerde mbo-opleidingen. Tot slot juicht AFNL het voornemen toe om de regeldruk voor het mkb te verminderen en nationale koppen op EU-regels te schrappen. De federatie verwacht veel van de aangekondigde Vereenvoudigingswet en roept het kabinet op het mkb als uitgangspunt te nemen bij ondernemersbeleid. ook sterk toe met bijna 10% per jaar. De renovatieproductie is met een groei van ongeveer 3% per jaar een stuk gematigder, maar per saldo neemt de totale woningbouwproductie in zowel 2026 als 2027 met een stevige 5% toe. De utiliteitsnieuwbouw staat al langere tijd onder flinke druk en daalt dit jaar naar verwachting weer. Vanaf 2027 wordt weer een stevig herstel voorzien, vooral bij winkels en kantoren. Hogere defensie-uitgaven geven ook een impuls aan investeringen in logistieke gebouwen. De infrastructuur kan robuuste groei realiseren over de gehele periode tot 2030. Hoge investeringen in de energiesector, bovengemiddelde groei van de natte waterbouw en enige impulsen vanuit hogere defensie-uitgaven bepalen het beeld. De totale bouwproductie stijgt dit jaar met 2,5% en volgend jaar met 4,5%. Ook op middellange termijn groeit de bouwproductie gestaag door. Hierdoor neemt de totale bouwproductie – in constante prijzen – toe van € 103 miljard in 2025 naar € 118 miljard in 2030. Dit zorgt ook voor een behoefte aan ruim 30.000 extra arbeidskrachten, waarbij de spanning op de bouwarbeidsmarkt naar verwachting onverminderd hoog blijft.
BOUWBELANG 1 - 2026 7 ACTUEEL Nieuwe Europese asbestregels vanaf 2027 ING voorziet groei bouwsector De bouwsector in de EU groeit de komende jaren weer, verwacht ING. De bank verwacht dat de productie dit jaar met 1,5 procent toeneemt en in 2027 met 2 procent. Voor Nederland voorziet ING kleinere stijgingen. De groei in de EU volgt op een afname van 1,5 procent in 2024 en stagnatie in 2025. Volgens de bank duiken nu steeds meer positieve signalen op. Het producentenvertrouwen van de Europese bouwsector verbetert duidelijk. Ook worden meer vergunningen voor nieuwbouwwoningen afgegeven en nemen de investeringen in infrastructuur toe. De productie van de bouwsector in Nederland stijgt dit jaar naar verwachting met 0,5 procent en volgend jaar met 1 procent. De groei valt lager uit dan in de gehele EU omdat de woningbouw in ons land ‘bijzonder zwak’ is. De bank wijt dit aan een tekort aan bouwgrond, lange en ingewikkelde vergunningsprocedures, bezwaarprocedures, het volle stroomnet en de stikstofproblematiek. Vorig jaar nam de productie volgens ING met 0,5 procent toe, na een daling van 2,9 procent in 2024. De afgelopen jaren kampte de bouwsector in de EU vooral met hogere rentes en gestegen bouwkosten. Ook waren consumenten en bedrijven terughoudender met investeren in nieuwe panden vanwege onzekere economische omstandigheden, zegt ING. Verruiming ontheffingsregels zero-emissiezones Sinds begin dit jaar is het ontheffingenbeleid voor de zero-emissiezones verruimd en verder geharmoniseerd. Ontheffingen wegens bedrijfseconomische omstandigheden die vanaf 1 januari 2026 worden aangevraagd, krijgen een landelijke werking. Tot eind vorig jaar gold deze ontheffing alleen in de gemeente waarvoor die was aangevraagd. Er is nu ook een aparte ontheffing wanneer een ondernemer niet mee kan komen in de transitie omdat er geen aansluiting op het stroomnet beschikbaar is, vanwege netcongestie. Ontheffingen wegens netcongestie die al zijn afgegeven kunnen 6 maanden voordat deze verloopt, kosteloos worden verlengd. Als de verlenging in 2026 wordt aangevraagd, dan is de ontheffing ook landelijk geldig. Niet emissieloos verkrijgbaar Ontheffingen voor nieuwe voertuigen die niet emissieloos verkrijgbaar zijn, krijgen een langere werking. Afhankelijk van het type voertuig varieert dit van 7, 10 of 13 jaar. Hierdoor kunnen ondernemers een realistische afschrijvingstermijn hanteren voor hun nieuwe voertuig. Sinds 1 januari gelden er ook nieuwe drempelwaarden voor deze voertuigen. Deze drempelwaarden en duur van de ontheffingen zijn te vinden in een tabel op www.opwegnaarzes.nl De huidige regelgeving voor het werken met asbest blijft in Nederland tot 2027 ongewijzigd. De nieuwe regels gaan op zijn vroegst in per 1 januari 2027. Dan start ook een overgangsperiode om bedrijven de tijd te geven om aan de nieuwe eisen te kunnen voldoen. De Europese Asbestrichtlijn is bedoeld om werkenden beter te beschermen tegen de risico’s van asbest. De richtlijn werd in 2023 aangescherpt. Vanwege de omvang van deze wijzigingen, verandert er tot 2027 niets voor bedrijven in Nederland. Vergunningplicht bij verwijdering Eén van de belangrijkste veranderingen van de aanscherping is de invoering van een vergunningplicht voor alle bedrijven die asbest verwijderen. Nu geldt alleen een certificeringsplicht voor bedrijven die werken in risicoklassen 2 en 2A, waarbij de blootstelling boven de grenswaarde uitkomt. Voor werkzaamheden in risicoklasse 1 geldt die verplichting momenteel niet. De aangepaste richtlijn vereist dat elk bedrijf dat asbest verwijdert of sloopt waarbij asbest vrijkomt, over een vergunning beschikt. Dit geldt ook bij lagere blootstellingsrisico’s. Dat betekent dat straks meer bedrijven onder de vergunningplicht vallen dan nu onder de certificeringsplicht. Verdere uitwerking De vergunningplicht wordt verder uitgewerkt in het Arbeidsomstandighedenbesluit. Het Asbestverwijderingsbesluit 2005 en het Besluit bouwwerken leefomgeving moeten hier ook op worden aangepast. Daarbij wordt ook invulling gegeven aan andere vereisten uit de richtlijn, zoals nieuwe opleidingseisen.
BOUWBELANG 1 - 2026 8 Abseilende bouwvakkers in Rotterdam De Rotterdamse Euromast is drie maanden dicht – behalve voor bouwvakkers zonder hoogtevrees. Zij voeren groot onderhoud uit aan de iconische uitkijktoren die 65 jaar geleden werd gebouwd voor de Floriade. Tekst: Hans Fuchs Foto’s: Kees Stuip
WAT GEBEURT ER Drinkwater wordt volgende netcongestie Een bedrijf wil een nieuwe fabriekshal realiseren, productie opschalen of een proces aanpassen en krijgt te horen krijgt dat er geen extra drinkwateraansluiting beschikbaar is. In delen van Nederland is dit al realiteit. Lees de gehele artikelen door de QR-codes te scannen. Bouwsector blijft verleidelijk voor zzp’ers Uit onderzoek van VCA-cursus.com blijkt dat 23 procent van het vaste personeel in de bouw en techniek overweegt zzp’er te worden. Opvallend, gezien de jacht op schijnzelfstandigheid door de Belastingdienst. Nieuwe subsidieregeling grote restauratieopgaven rijksmonumenten gaat open Een nieuwe regeling voor grote restauratieopgaven van rijksmonumenten gaat op 1 september 2026 open voor aanvragen. Handreiking weerbaarheid: ‘Weet wat je te doen staat’ Om bedrijven (en brancheorganisaties) te helpen zich zo goed mogelijk voor te bereiden hebben VNO-NCW en MKBNederland een handreiking weerbaarheid opgesteld. Deze beschrijft de stappen die bedrijven nu kunnen nemen om weerbaar te worden. Straatje erbij: potentieel 260.000 woningen in Gelderland Uit een inventarisatie onder Gelderse gemeenten blijkt dat in de provincie ruimte is voor 260.000 woningen via het concept van ‘straatje erbij’. Dit aantal overtreft zelfs de gehele opgave van de provincie in de woondeals. BIJZONDER PROJECT BOUWBELANG 1 - 2026 9 Vrachtwagenheffing vanaf 1 juli 2026: ben je voorbereid? De start van de vrachtwagenheffing in Nederland is gepland op 1 juli 2026. Vanaf die datum betalen eigenaren van vrachtwagens per gereden kilometer, afhankelijk van het gewicht en de emissieklasse van het voertuig. VENIN pleit voor één landelijke uitvoeringslijn voor eDNA en NVI Woningisolatie is onmisbaar voor het verlagen van energiekosten, het terugdringen van CO2-uitstoot en het verminderen van netcongestie. Tegelijkertijd staat de sector voor de opgave om zorgvuldig om te gaan met beschermde diersoorten. In de praktijk blijkt die combinatie steeds lastiger uitvoerbaar. Leidraad Gevelreiniging 2026 nu beschikbaar Gebouwschil Nederland heeft samen met Schoonmakend Nederland gewerkt aan de nieuwe Leidraad Gevelreiniging 2026. Met deze publicatie willen we bijdragen aan meer duidelijkheid en professionaliteit in de praktijk. Meer foto's en het volledige verhaal vind je op onze site www.bouwbelang.com (scan de QR-code)
BOUWBELANG 1 - 2026 10 Passieve zonwering voor WEC Lauwersoog Lamellenconstructie uit hergebruikte Duitse meerpalen Tekst: Hans Fuchs Foto’s: Hupkes Wijma In het WEC-gebouw in Lauwersoog draagt passieve zonwering bij aan een beter binnenklimaat. Hupkes Wijma engineerde en produceerde de losmaakbare constructie uit gerecycled hardhout, die het bedrijf uit Kampen ook leverde en monteerde. Het uittekenen en plaatsen van de uitkragende zonwering kende een paar bijzondere uitdagingen. ken: “Wij zijn van origine een houthandel in tropisch hardhout en maken sinds lange tijd ook infra- en bouwprojecten. We leveren hardhout - gerecycled en nieuw - en engineeren projecten in hardhout die we ver- Als een spiraal draait de zonwering van het Werelderfgoedcentrum Waddenzee om de vier gevels van het pand dat sinds 2025 in de haven van Lauwersoog staat. De constructie volgt de oplopende verdiepingsvloeren die bezoekers binnen langs informatie leiden over het Unesco werelderfgoed dat voor de deur ligt: de Waddenzee. Die zonwering is afkomstig van Hupkes Wijma uit Kampen. De firma typeert zichzelf als 'maakbedrijf-in- hardhout' en leverde voor het WEC behalve de zonwering ook de vlonders en de trap op het schuin oplopende dak. Namens Hupkes Wijma was projectleider Jeroen Veldkamp bij het bezoekerscentrum betrokUitkraging De zonwering van het WEC staat op stalen kolomvoeten met daarop kolommen die bestaan uit twee balken van negen centimeter breed, gekoppeld met een klos om vervorming tegen te gaan. Afstand tussen de kolommen: 80 centimeter hart-op-hart. Op de kolommen bevinden zich de liggers met schuine stuiten, waarop Hupkes Wijma de lamellenschermen aanbracht. Voor de koppeling aan de gevel zijn de liggers voorzien van een slis, voor de boutbevestiging van de ligger aan een stalen lip in de gevel vanuit de staalconstructie. De lamellenschermen hebben vanaf de gevel een diepte van twee meter, de meeste zijn 3,20 meter breed en hebben een hoogte van twintig centimeter. Ze wegen zo'n driehonderd kilo. Op de verdieping staan de kolommen van de zonwering op de liggers - niet recht boven de kolommen op de begane grond, maar op iets meer afstand van de gevel. Om het in een beeld te vatten, omschrijft projectleider Jeroen Veldkamp de constructie als 'een soort wipwap' met kolommen dichtbij de gevel en op de uitkraging. Dat correct te engineeren noemt Veldkamp één van de uitdagingen aan de zonwering van het WEC.
BOUWBELANG 1 - 2026 11 volgens in eigen huis met onder andere CNC-machines produceren. Onze timmerlieden stellen hier in Kampen prefabdelen voor projecten samen en monteren op locatie.” Belangrijke rol voor esthetiek Over de hardhouten zonwering van het WEC adviseerde Hupkes Wijma de opdrachtgever en de hoofdaannemer al in de aanloop naar de bouw. Jeroen Veldkamp: “In dat voortraject tekenden we details uit en maakten mock-ups. Die vroege betrokkenheid heeft voor iedereen voordelen. De details zijn doordacht, en kwalitatief en esthetisch goed. Daarbij proberen we zo dicht mogelijk bij het idee van de architect te blijven.” Die esthetiek speelde in Lauwersoog een belangrijke rol. Het Deense architectenbureau Dorte Mandrup ontwierp de zonwering als een integraal onderdeel van het gebouw en besteedde veel aandacht aan de vormgeving. Zo hebben de liggers van de zonwering schuine stuiten, waardoor ze aan de voorkant wat smaller zijn - omwille van het aanzicht. Veldkamp noemt ook een aantal andere eisen aan de zonwering: duurzaamheidsklasse 1, de inzet van gerecycled hout, een lange levensduur. Om dat laatste te borgen, is in het WEC hardhout toegepast. En ook de detaillering is op allerlei plekken afgestemd op die lange levensduur. Veldkamp noemt als voorbeeld de lamellen van de zonwering: “Die zijn van bovenaf geschroefd met tellerkopschroeven zodat inwatering wordt beperkt.” Specials De zonweringconstructie van het WEC kent veel repetitie - maar ook veel specials, onderstreept Jeroen Veldkamp: “In de liggers en de lamellenschermen zit veel herhaling. In de kolommen zit juist veel variatie, omdat de zonProjectgegevens Opdrachtgever: Stichting Werelderfgoedcentrum Waddenzee Architect: Dorte Mandrup A/S, Kopenhagen; De Architecten van Team⁴, Groningen (co-architect) Hoofdaannemer: Bouwgroep Dijkstra Draisma Interieur: Spring Studio, Groningen Openbare ruimte: LAOS landscape urbanism, Haren Zonwering: Hupkes Wijma, Kampen (advisering, engineering, productie, levering, montage) De zonwering van het WEC is ontworpen als losmaakbare constructie. DUURZAAMHEID WEC Het Werelderfgoedcentrum Waddenzee (WEC) informeert bezoekers over de Waddenzee en huisvest de voormalige zeehondenopvang uit Pieterburen. Het gasloze gebouw is gedeeltelijk opgetrokken uit biobased en circulaire materialen. De gevel is bekleed met verduurzaamd vurenhout. Het ontwerp stamt van architectenbureau Dorte Mandrup uit Kopenhagen, samen met co-architect De Architecten van Team⁴ uit Groningen.
BOUWBELANG 1 - 2026 12 wering de omhooglopende verdiepingsvloeren volgt. Bij de lamellenschermen waren maatoplossingen nodig bij de knikken in de zonwering en bij de verstekken op de hoeken.” De zonwering van het WEC is ontworpen als losmaakbare constructie. Daarbovenop kunnen sommige kolommen afzonderlijk uit de constructie als geheel worden gedemonteerd. Veldkamp: “In verband met onderhoud zoals ruitvervanging zijn enkele kolommen individueel met bouten aan de hoofdconstructie gekoppeld. Als je die losdraait kun je deze kolommen verschuiven of laten zakken en tijdelijk verwijderen om ruimte te scheppen voor onderhoud aan de puien.” Constructie aangepast Op sommige plekken moesten kolommen achterwege blijven - terwijl de lamellenschermen erboven doorlopen. Veldkamp: “Voor een deuropening of entree ontbreken soms kolommen. Afhankelijk van de plek in de constructie zijn de lamellen erboven daarom soms gekoppeld met een stalen plaat die doorzakken voorkomt.” Veldkamp haalt de constructie ter hoogte van de zeehondenbassins aan, op het dak van de twee verdiepingen tellende uitbouw van het WEC: “Daar staan veel kolommen De montage gebeurde met een verreiker voor de lamellenelementen en twee hoogwerkers. Passieve zonwering zorgt voor een beter binnenklimaat en minder lichtvervuiling in 'dark sky' gebied Nationaal Park Lauwersmeer.
BOUWBELANG 1 - 2026 13 heel dicht op de gevel. Daarom zijn de lamellen hier doorgekoppeld met een liplas.” Meerpalen uit Kiel De montage van de hardhouten zonwering gebeurde met een verreiker voor de lamellenelementen en twee hoogwerkers met een manbak. De montage op locatie nam een half jaar in beslag. Jeroen Veldkamp: “Alle draagbalken zitten met een stalen lip aan de gevel vast. Die lippen zijn in het werk in de gevel gelast, om de 80 centimeter geplaatst en lopen schuin omhoog aan de gevel. Spannend was of ze ook exact de lijn van het gebouw volgden en goed aansloten op onze hardhouten delen. Incidenteel hebben we de aansluitingen in de houten delen nog wat moeten corrigeren, en in het werk zijn nog zaken wat aangepast; soms een verstek, soms een scherm.” Lastig voor de monteurs: de kolommen. Die staan dicht op elkaar - en de bovenste kolommen staan ver van de gevel af. Veldkamp: “Dat bemoelijkte het plaatsen van de lamellenschermen. Met de hoogwerker kwamen we er niet altijd goed bij. Daarom zijn sommige kolommen pas na het aanbrengen van de schermen geplaatst.” Groeiende markt Hupkes Wijma betrekt zijn gerecyclede hardhout uit Nederland en Duitsland. Veldkamp: “Er is een groeiende markt voor gerecycled hardhout. Maar omdat het materiaal lang mee gaat is er niet veel beschikbaar.” Voor de zonwering van het WEC werden zo'n tweehonderd meerpalen uit de haven van de Duitse havenstad Kiel gebruikt. Om dat Basralocus-hout bruikbaar te maken voor het WEC werden de meerpalen schoongespoten. Veldkamp: “Als je dan de koppen van die palen ziet, denk je: 'Wat is dit voor een hout, wat kan ik hier nog mee?' Maar als je aan de uiteinden dertig tot vijftig centimeter afzaagt heb je een fantastisch hardhoutproduct. Met een metaaldetector zijn metalen gelokaliseerd en vervolgens machinaal verwijderd, waarna het hout werd gezaagd. Daarbij keken we goed naar het rendement, zaagden van groot naar klein en hadden zo uiteindelijk 150 kuub hardhout om de zonwering van het WEC te bouwen.” Bij de lamellenschermen waren maatoplossingen nodig bij de knikken in de zonwering en bij de verstekken op de hoeken. Op de verdieping staan de kolommen op de liggers niet recht boven de kolommen op de begane grond.
BOUWBELANG 1 - 2026 14 Jan Willem van de Groep over kansen die biobased bouwen het mkb biedt “Voor iedere maar is een antwoord” Tekst: Geert Hilferink Foto’s: Kees Stuip De bouwopgave in ons land is al jaren enorm groot met als logisch gevolg dat de focus vooral op bouwen, bouwen en nog eens bouwen ligt. Jan Willem van de Groep, programmaregisseur van Building Balance waarschuwt dat die focus kan zorgen voor een blinde vlek. “We bouwen nu de woningen waarin we in 2050 wonen. Dat betekent dat ze moeten voldoen aan de normen die dan gelden en dat vraagt een andere manier van bouwen met andere materialen. Daar moeten aannemers zich op voorbereiden.” gio’s ecosystemen ontstaan voor het deels produceren, maar vooral toepassen van biobased bouwmaterialen. Elke regio heeft zijn eigen dynamiek, daarom is regionale ondersteuning van die ketenaanpak ook een belangrijke voorwaarde voor succes geweest.” Inmiddels zijn in bijna alle provincies regioketens actief. “De wil om biobased bouwen te stimuleren is bij de overheden steeds meer aanwezig. Zij onderkennen de positieve effecten van het gebruik van natuurlijke materialen en de prestaties daarvan. Ook het regionale karakter met oplossingen voor de problematiek in de agrarische sector speelt daarin een stimulerende rol.” Mythes rond biobased ontkrachten Als het gaat over de prestaties van de biogrondstoffen, heeft Building Balance volgens Van de Groep wel wat mythes moeten ontkrachten. “We hebben op landelijk niveau veel geïnvesteerd in onderzoeken en testen, bijvoorbeeld om aan te tonen dat biobased isolatiematerialen voldoen aan de eisen op het gebied van brandveiligheid. Dat geldt ook voor de energetische prestaties van het isolatiemateriaal. Daarnaast Building Balance voert samen met de ministeries van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN), Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO), Klimaat en Groene Groei (KGG) en Infrastructuur & Waterstaat (I&W) de Nationale Aanpak Biobased Bouwen (NABB) uit. Het doel van deze aanpak is het gebruik van biogrondstoffen in de bouw versneld opschalen zodat er minder minerale grondstoffen gebruik worden en de CO2-footprint van bouwen wordt verkleind. Regionale ketens “We hebben de afgelopen jaren gewerkt aan regionale ketens waarin we agrariërs helpen met de overstap naar vezelteelt en deze boeren koppelen aan de regionale en landelijke vezelverwerkende industrie. Zo zijn in die re-
BOUWBELANG 1 - 2026 15 hebben we ook BRL’s gemaakt om de toepassing zo laagdrempelig mogelijk te maken voor marktpartijen.” Door de opgedane kennis en certificeringen toegankelijk te maken voor alle ondernemers die actief zijn met biogrondstoffen, kunnen er verspreid over het land sneller resultaten worden geboekt. “Zo hebben we ook aangetoond dat veronderstellingen over veroudering van biobased-isolatie niet klopten door uit oude bestaande gebouwen materiaal te testen. Die bleken nog prima isolerende eigenschappen te hebben.” Andere werkwijze Behalve bij overheden, merkt Van de Groep ook bij aannemers en projectontwikkelaars steeds meer ‘eagerness’ om met biogrondstoffen te werken. Reden voor Building Balance om verschillende opleidingen en trainingen te ontwikkelen, want het bouwen met biobased materialen vraagt een andere aanpak dan bouwen met traditionele materialen. “Houtbouw en gebruik van vezelmaterialen is echt een andere manier van bouwen dus een aannemer die gewend is om kalzandsteenblokken toe te passen, kan niet zomaar overstappen op houtbouw. Die aannemer heeft behoefte aan nieuwe kennis om efficiënt en veilig met houtbouw aan de slag te gaan.” Daarvoor zijn trainingsprogramma’s gemaakt voor aannemers, gemeenten en projectontwikkelaars. “Die trainingen worden door ons aangeboden binnen de regioketens, maar we gaan er vanuit dat ze worden overgenomen binnen het reguliere onderwijsaanbod van kennisinstellingen en brancheorganisaties. Zij moeten het uiteindelijk implementeren in reguliere programma’s. Wij hebben als tijdelijke organisatie de opdracht om deze opleidingen te ontwikkelen en op te starten. Zo hebben we ook content gemaakt voor MBO, HBO en Leven Lang Opleiden-trajecten. Daar is veel vraag naar.” Van land naar pand Verspreid over het land zijn in verschillende regio’s al succesvolle ketens ‘van land naar pand’ ontwikkeld. Vooral stro is een biogrondstof die zich in de regio goed laat verwerken in bouwmateriaal. “Je kunt met relatief kleine fabrieken stro verwerken tot biobased bouwmaterialen. Voor hennep, vlas of miscanthus heb je grotere verwerkingslocaties nodig, dus de verwerking daarvan vraagt meer volume vanuit meerdere regio’s.” In de omgeving waar al fabrieken staan ziet Van de Groep dat agrariërs enthousiaster zijn dan in de gebieden waar die nog ontbreken. De Vezelvallei in de regio Deventer is zo’n plek waar men nadenkt over verwerkersfaciliteiten. “Hier geven de gewassen nog geen goede opbrengst omdat transportkosten en inefficiënties door gebrek aan ervaring de teeltkosten te hoog maken. Er is in Nederland plek voor een aantal fabrieken die voornamelijk biobased isolatiemateriaal en plaatmateriaal gaan produceren. Een paar hebben flinke investeringsplannen klaarliggen. Investeringsondersteuningen vanuit de overheid is daarbij essentieel.” Aanbod voor nichemarkten Met de grote producenten van houten plaatmaterialen ga je niet concurreren. Die gebruiken al veel biobased materiaal in de vorm van hout en in toenemende mate B I OBASED BOUWEN “Houtbouw en gebruik van vezelmaterialen is echt een andere manier van bouwen“
BOUWBELANG 1 - 2026 16 ook hergebruikt hout. Van de Groep: “De biobased producten uit agrogrondstoffen zitten meer in de wat grotere nichemarkten. Deuren, scheidingswanden en plaatmaterialen met specifieke eigenschappen voor de prefabindustrie. Met behulp van vraagactivatie zoeken we commitment voor de toepassing van biogrondstoffen. Zo zijn er een flink aantal corporaties die daken van woningen met stro en vlas verduurzamen. Ook gemeenten doen mee door partijen uit te dagen binnen hun tenders en aanbestedingen. Beiden werken ook graag samen met regionale partners dus daar liggen zeker kansen.” De vrijheid die gemeenten bieden in tenders, waarin ze de markt uitdagen om met eigen uitwerkingsvoorstellen te komen, ziet Van de Groep ook als enorme kans. “Zeker als mkb-aannemers meer conceptmatig gaan denken en met en van elkaar willen leren. Dat zijn projecten waarin je ook heel goed ervaring kunt opdoen met de verwerking van biobased bouwmaterialen. En daarmee een begin maakt met het bouwen volgens de normen die over een paar jaar gangbaar zijn.” Voorbereiden op toekomst Het opdoen van die ervaring is volgens Van de Groep belangrijk voor aannemers. “Niemand verwacht dat je van het ene op het andere moment overstapt van traditioneel naar biobased bouwen, maar de sector moet er wel serieus over nadenken. De normering, inclusief
BOUWBELANG 1 - 2026 17 de aanscherpingen daarvan in de komende jaren, ligt voor. Wij zijn er om te helpen die slag te maken, want voor iedere maar is een antwoord. Van de opleidingen die nodig zijn tot de (regionale) leveranciers van de biobased gecertificeerde producten.” Belangenorganisaties zoals AFNL hebben hierin ook een rol, zegt Van de Groep. “In eerste aanleg door hun achterban te informeren en voor te bereiden op de transitie. Maar ook het stimuleren van het bouwen met biobased materiaal is belangrijk. Met de boodschap ‘als ik nu investeer, ben ik de norm van morgen’ kunnen zij bijdragen aan een toekomstbestendige sector.” Opschalen naar normalisatie Een belangrijke vervolgstap voor de ontwikkeling van biobased bouwen is het opschalen en normaliseren. “We gaan uiteindelijk toe naar CO2-sturing op gebouwen. Daarvoor is de EPBD, de Europese richtlijn om de energieprestatie van gebouwen te verbeteren, in 2024 herzien. De klimaatimpact van gebouwen wordt hierin niet langer beperkt tot het energiegebruik in de gebruiksfase, maar wordt beoordeeld over de hele levenscyclus. Ook de energie die nodig is tijdens de productie van de bouwmaterialen telt dus mee”, zegt Van de Groep. Daarvoor is de WLC-GWP (whole life cycle - global warming potential, red.) geïntroduceerd. “Hierin worden de productfase, de gebruiksfase en de end-of-life-fase apart beoordeeld op hun aandeel in de prestatie van een gebouw. Een bewuste keuze omdat je dan per fase de winst of schade kunt onderscheiden. Er zijn voorstellen om deze fasen samen te brengen in één totaalscore. Dat kan helpen bij vergelijkbaarheid, maar vraagt zorgvuldigheid. Wanneer verschillen tussen productiefase en gebruiksfase minder zichtbaar worden, bestaat het risico dat bepaalde klimaatvoordelen of -nadelen onvoldoende tot hun recht komen. Het is daarom belangrijk dat de uiteindelijke bepalingsmethode recht doet aan de feitelijke koolstofstromen en transparant blijft over waar de impact daadwerkelijk plaatsvindt. Een biogrondstof als hout scoort in alle fases goed omdat het CO2 opneemt, maar de methode kan ook op een manier gemaakt worden waardoor dit voordeel in één klap wegvalt. Dat is winst voor CO2-intensieve materialen. Het is daarom belangrijk om een bepalingsmethode voor die norm te hebben die recht doet aan de dubbele winst die je met behulp van biobased bouwmaterialen kunt behalen: opslag van CO2 en de verdringing van CO2-intensieve materialen.” Samen met nieuw kabinet Hoewel de Nationale Aanpak Biobased Bouwen gefinancierd wordt vanuit het Klimaatfonds van het ministerie van KGG, en daarmee niet direct afhankelijk is van politieke grillen, ziet Van de Groep veel kansen in het verder samenwerken met het nieuwe kabinet. “Met minister Van Essen van LVVN, die als wethouder de drijvende kracht was achter de Vezelvallei en minister Van Veldhoven van KGG die circulariteit hoog in het vaandel heeft, ben ik optimistisch gestemd. Dat mag ook wel, want willen we de circulaire doelen en klimaatdoelen halen dan heb je biogrondstoffen heel hard nodig.” www.buildingbalance.eu “Willen we de circulaire en klimaatdoelen halen dan heb je biogrondstoffen hard nodig“
BOUWBELANG 1 - 2026 18 Paneldiscussie EIB over woningbouw en de formatie “Schrap regels die niet werken” In aansluiting op de presentatie over de woningbouwproductie en werkgelegenheid voor 2026 en verder, stond het woningdebat van het Economisch Instituut voor de Bouw gepland. Drie politici en MKB-Nederland-voorzitter Jacco Vonhof reflecteerden op het podium van het DeLaMar Theater op stellingen en vragen van dagvoorzitter Martijn de Greve. Vier meningen, maar één gemeenschappelijke opdracht aan het nieuwe kabinet: ‘wees een betrouwbare overheid die vertrouwen wekt’. Vonhof vroeg zich na de presentatie van Van Hoek af of het niet tijd is om andere urgente thema’s meer aandacht te geven. “Er wordt al jaren gediscussieerd over de bouw van 100.000 woningen per jaar. Daar komen we nu al aardig in de buurt en de vooruitzichten voor de komende jaren zijn ook positief. Als we de cijfers mogen geloven gaan we richting de 90.000 woningen per jaar, het is dus niet alleen maar ellende.” Demografische uitdagingen Volgens de voorman van MKB-Nederland staat het land voor enkele stevige demografische uitdagingen. “Denk aan de zorg en defensie. We hebben straks op elke aow’er twee werkenden. Dat vraagt om gerichte arbeidsmigratie.” Vonhof ziet dan ook een belangrijke opdracht voor het minderheidskabinet als het gaat om het sluiten van maatschappelijke akkoorden en minder voor politieke akkoorden. “We hebben beleid voor tien jaar en langer nodig, niet voor vier jaar.” Grijsen en Terpstra wezen ook op de gevolgen van demografische ontwikkelingen. “Een andere bevolkingssamenstelling zorgt ook voor andere woonwensen”, aldus Terpstra. Grijsen benadrukte dat de overheid de bouwsector meer moet betrekken bij ontwikkelingen. “Vraag bouwers waar behoefte aan is. Zij kennen de markt en weten wat nodig is om te versnellen.” Defensie als concurrent De flinke investeringen die het nieuwe kabinet in defensie voorstelt, zal invloed hebben op andere sectoren, ook de bouw. Vonhof benadrukte dat investeringen in wegenbouw en infra gezamenlijk opgepakt kunnen Voor het woningdebat had het EIB politici uitgenodigd die op landelijk, regionaal en lokaal niveau acteren en betrokken zijn bij woningbouw. Zo was Liesbeth Grijsen, BBB-gedeputeerde Wonen van de provincie Overijssel te gast, net als Fred Crone, lid van de Eerste Kamer namens GroenLinks-PvdA en Julius Terpstra, CDA-wethouder Wonen en Bouwen van Leiden. Jacco Vonhof schoof namens de mkb-bouwsector aan. Transparantie en rust Over de vraag wat de nieuwe regering wel of niet moet doen om de woningnieuwbouw te stimuleren, liepen de meningen niet ver uiteen. “Je moet woningbouw niet onnodig complex maken. In Overijssel weten de overheid en de sector elkaar goed te vinden en werken we heel transparant samen. En dat heeft succes”, zei Grijsen. Die transparantie wordt in Leiden ook toegepast. Terpstra: “Door met open boeken te werken, creëren we gezamenlijk vertrouwen. Daar hoort ook beleid bij dat niet steeds wijzigt. De woningnood is ook lokaal verkiezingsthema nummer 1. Het is dus essentieel om plekken aan te wijzen voor woningbouw en daar voorwaarden voor te bepalen. Zodra die vastliggen, moet er niet meer gemorreld worden aan die voorwaarden. De overheid moet zorgen voor rust op het gebied van regelgeving.” Andere prioriteiten Crone zag de netverzwaring als belangrijke prioriteit voor de nieuwe regering. “Kijk naar goede voorbeelden zoals in Veenendaal waar warmtenetten slim worden ingezet om het elektriciteitsnetwerk te ontlasten op piekmomenten. Zo kan het geld veel efficiënter worden ingezet.” Tekst: Geert Hilferink 'Vraag bouwers waar behoefte aan is. Zij kennen de markt.'
BOUWBELANG 1 - 2026 19 worden. “Daarbij kunnen verschillende geldstromen aangeboord worden dus dat levert ook de bouw- en infrasector wel werk op. De keerzijde is dat ik regelmatig mkb-ondernemers spreek die zeggen dat defensie hun talenten ophalen met een betere cao. Daar zit natuurlijk wel een risico voor andere sectoren.” Het vraagt om fundamenteel doordenken, lichtte Vonhof toe. “Er moeten keuzes gemaakt worden over personeel en ruimte. We hebben overal tekort aan, behalve aan één ding en dat zijn regels.” Robuuste regelgeving Daarmee kwam een van de grootste belemmeringen in de bouw ter sprake. De vier panelleden waren het roerend eens over het teveel aan regels. “We hebben behoefte aan robuuste regelgeving waarmee bouwen aan wonen en mobiliteit gestimuleerd wordt. Er zijn nu te veel regels om het doel te bereiken”, zei Grijsen. Volgens Crone moet de focus van het kabinet niet liggen op regels, maar op langetermijnvisie en betrouwbare afspraken. “We zijn niet tegen regels in het algemeen, maar wel tegen goedbedoelde regels die niet werken. We moeten terug naar waar het om gaat en dat is wederzijds vertrouwen”, zei Vonhof. Keuzes bieden kansen Crone: “Van het totale oppervlak van Nederland is slechts 13% bebouwd dus 87% niet. De stelling dat er geen ruimte is om te bouwen is dan ook niet steekhoudend. Met duidelijke keuzes over de verdeling tussen natuurgebieden en locaties waar gebouwd kan worden is er volop ruimte beschikbaar.” Ook Grijsen ziet die ruimte. “Er zijn harde besluiten nodig, en de mogelijkheden daarvoor zijn er zeker. Ook voor de natuur geldt dat we moeten kiezen welke we wel en welke niet behouden. Anders gaat het slot er niet af.” Hypotheekrenteaftrek Het afbouwen of zelfs helemaal afschaffen van de hypotheekrenteaftrek was door Van Hoek tijdens zijn presentatie al kort aangehaald. “DNB brengt het als de oplossing voor de problemen op de woningmarkt, maar ik blijf die ‘mythe’, zoals ik het graag noem, ontkrachten. Het zal zeker op korte termijn de markt juist verder onder druk zetten.” Volgens Crone kan het geleidelijk afbouwen van de renteaftrek als maatregel wel uitgelegd worden. “De hypotheekrenteaftrek kost de staat 8 tot 9 miljard euro per jaar. Als je door beperking van de aftrek jaarlijks 1 of 2 miljard bespaart en die inzet voor startersleningen en de huursector heb je het beste van twee werelden.” Een suggestie die Terpstra kan delen. “Zolang het stapsgewijs gaat en de opbrengst wordt ingezet voor woningbouw, houd je als overheid het vertrouwen.” ROBUUSTE REGELGEVING We hebben behoefte aan robuuste regelgeving waarmee bouwen aan wonen en mobiliteit gestimuleerd wordt
BOUWBELANG 1 - 2026 20 Gemeente Oost Gelre omarmt bouwteambenadering “Aannemers weten heel goed wat nodig is” Tekst: Geert Hilferink Foto’s: Kees Stuip Met een duidelijk en transparant inkoopbeleid weet de gemeente Oost Gelre mkb-aannemers aan zich te binden. Daarbinnen wordt vaak gekozen voor een bouwteambenadering. “Je hebt bij veel projecten met verschillende belanghebbenden te maken en dan heb je ontwerpvrijheid nodig om tot de beste aanpak te komen”, zegt André Lurvink, Inkoopcoördinator van de gemeente Oost Gelre. zeefd gebroken metselwerk in doek gebruikt. In dat pakket is de riolering geplaatst en voor de bestrating is voor klinkers gekozen”, zegt John Berentsen, Teamleider Infrastructuur, Beheer en Onderhoud. Ook in Groenlo, een andere kern binnen de gemeente, is deze aanpak inmidd Lokaal is vaak mkb Als opdrachtgever werkt Oost Gelre graag samen met mkb-aannemers. Lurvink: “Een voorkeur die we niet zwart op wit in ons inkoopbeleid kunnen vastleggen, maar daarin spreken we wel uit dat het voor ons als gemeente wenselijk is om met lokale partners te werken. Dat zijn veelal De nominatie voor de MKB INFRA AanbestedingsAward 2025 dankt de Achterhoekse gemeente onder meer aan een straatreconstructieproject in een wijk die tegen het centrum van Lichtenvoorde aanligt. Daar werden de riolering, bestrating en het groen vervangen. “We hebben in die straten ook meteen de hemelwaterafvoer afgekoppeld om de riolering te ontzien. Daarvoor is een puinpakket van ge- André Lurvink (links) en John Berentsen lichten het inkoopbeleid van Oost Gelre toe.
BOUWBELANG 1 - 2026 21 mkb-bedrijven. Zij hebben een band met de dorpen en inwoners en kunnen daardoor vaak belangrijke meerwaarde bieden.” Zo zet de gemeente de aannemer bij infra-projecten bij voorkeur in voor de communicatie met de omwonenden. “Zij kunnen gerichtere informatie over zaken als de planning en gevolgen van de werkzaamheden voor de buurt geven. Dat wordt door inwoners gewaardeerd.” Bouwteams versterken elkaar Bij infra-aanbestedingen zet Oost Gelre een RAW-bestek in de markt en zorgt daarnaast dat de inschrijvers ruimte hebben om met eigen oplossingen te komen. “We willen de aannemers die het uiteindelijk gaan uitvoeren de vrijheid geven om met innovatieve suggesties te komen. Aannemers weten vaak heel goed wat mogelijk is en wat niet en van die kennis maken we graag gebruik”, zegt Lurvink. Mede daarom werkt de gemeente ook graag met bouwteams. Berentsen: “Zeker bij infraprojecten is sprake van verschillende disciplines die samenkomen. Als die disciplines betrokken zijn in de ontwerp- en materialisatiefase leidt dat tot slimmere keuzes die de uitvoering van het werk vaak ten goede komen.” Groslijst als basis Voor de selectie van aannemers maakt Oost Gelre gebruik van een groslijst. Lurvink: “We waren de eerste gemeente die met zo’n lijst ging werken.” Op die groslijst staan bekende aannemers, zowel lokaal als landelijk. “Een objectieve lijst, waaruit we een selectie maken als we een project onderhands gaan aanbesteden”, zegt Lurvink. “Openbare en Europese aanbestedingen zijn non-discriminatoir, maar voor onderhandse aanbestedingen tot 3 miljoen euro gebruiken we de groslijst, die overigens openbaar is.” Binnen die lijst heeft de gemeente een objectieve systematiek ontwikkeld waarmee aannemers op verschillende onderdelen beoordeeld worden. “Op basis van die beoordeling kunnen we per aan te besteden project een rangschikking maken welke aannemer het beste voldoet aan de gestelde eisen. De hoogste drie nodigen we altijd uit om in te schrijven, eventueel aangevuld met een of twee andere. Zo laten we ons systeem leiden.” Transparant en helder Het uitgebreid beoordelen van de aannemers in de groslijst zorgt volgens Berentsen voor een helder en transparant aanbestedingsproces. “De selectie gebeurt op basis van scores van aannemers op vaste onderdelen die in het systeem beoordeeld worden. Omdat voor elk project andere voorwaarden gelden, rolt er steeds een andere lijst met hoogst scorende aannemers uit”, zegt Berentsen, die toevoegt dat het systeem ook een marktverkenningsmechanisme is. Hoewel de groslijst ook aannemers uit andere delen van het land bevat, geeft Oost Gelre voor infraprojecten de voorkeur aan regionale aannemers. “Daar zitten ook wel enkele grootbedrijven tussen, maar voor infrawerken hebben we een geografische cirkel rond de gemeente getrokken. Daarbuiten nodigen we geen inschrijvers uit omdat we veel waarde hechten aan de gebiedskennis en de klik met de inwoners en de natuur.” Markt naar hoger niveau Daarnaast geldt voor aannemers die goed werk leveren dat ze voor de inschrijving op een soortgelijk project weer kunnen worden uitgenodigd. Daarvoor kunnen de aannemers onder meer referentieprojecten en tevredenheidsverklaringen van andere opdrachtgevers overleggen. Berentsen: “Net als onze eigen ervaringen worden deze referenties onderdeel van de beoordeling van de betreffende aannemers in het systeem.” Lurvink: “We merken dat het systeem voor ons en de markt goed werkt. We stimuleren aannemers om zelf het heft in handen te nemen en zo helpen we de lokale en regionale markt ook om samen tot een hoger niveau te komen. Vooral als er in bouwteams wordt samengewerkt.” OPDRACHTGEVER Mkb-aannemers hebben een band met de dorpen en inwoners en kunnen daardoor vaak belangrijke meerwaarde bieden
BOUWBELANG 1 - 2026 22 Pas toe of leg uit De groslijst en het beoordelingssysteem daarbinnen biedt de gemeente volgens Lurvink mooie instrumenten om aan de voorwaarden van de Aanbestedingswet te voldoen. “Binnen deze wet geldt het principe ‘pas toe of leg uit’. Volgens deze wet mag een opdrachtgever voor openbare en onderhandse aanbestedingen zelf een keuze maken zolang die keuze maar transparant is. Die transparantie bieden wij met onze openbare groslijst.” Ook binnen de interne organisatie biedt de werkwijze duidelijkheid. “Het inkoopproces valt binnen een strak beleidskader, maar onze aanpak zorgt ervoor dat de budgethouder binnen haar of zijn mandaat uiteindelijk bepaalt wie de opdracht gegund krijgt. Dat doet hij samen met de projectleider, die de keuze kan verklaren. Zo worden op de juiste plek in de organisatie de juiste keuzes gemaakt.” MKB INFRA- AanbestedingsAward Met de MKB INFRA-AanbestedingsAward wordt ingespeeld op de aanbestedingswetgeving, waardoor een gelijk speelveld voor grote en mkb-bedrijven moet ontstaan en eerlijke concurrentie wordt gestimuleerd. De instelling van de tweejaarlijkse prijs heeft tot doel opdrachtgevers uit overheden en semi-overheden te stimuleren mkb-bedrijven betere kansen op opdrachten in de grond-, weg- en waterbouw te geven. Met de prijs hoopt MKB INFRA dat vernieuwende oplossingen worden geïnitieerd en optimale prijs-prestatieverhoudingen worden bereikt, waarmee tevens het maatschappelijk belang wordt gediend. Eerdere prijswinnaars waren de gemeenten Nijmegen, Steenwijkerland, Tilburg, Enschede, Den Haag en Eindhoven. In 2025 won de provincie Drenthe. Je hebt ontwerpvrijheid nodig om tot de beste aanpak te komen
www.bouwbelang.comRkJQdWJsaXNoZXIy NTI5MDA=