BouwBelang 1 - 2026

BOUWBELANG 1 - 2026 40 ARBEIDSZAKENKRANT VOOR DE GESPECIALISEERDE AANNEMER Geld voor projecten rondom 'Gezond naar het pensioen' Het kabinet, werknemers- en werkgeversorganisaties willen zo veel mogelijk mensen gezond de AOW-leeftijd laten bereiken. Juist bij zwaar werk vraagt dit een extra inzet. Daarom zijn er afspraken gemaakt over hoe ze daar de komende jaren samen aan gaan werken. Tot en met 2030 wordt ongeveer € 200 miljoen ingezet voor projecten en innovaties die bij moeten dragen aan duurzame inzetbaarheid. Zwaar werk voorkomen en verlichten Er komt een subsidie voor samenwerkingsverbanden en mkb om projecten te starten die zwaar werk voorkomen of verlichten. Verder ontvangt onderzoeks- en innovatiecentrum FRAIM een bijdrage. Dit onderdeel van TU Delft helpt, samen met TNO en mkb-bedrijven om oplossingen te ontwikkelen en te verspreiden die zwaar fysiek werk minder zwaar maken. Ten derde komt er geld vrij voor projecten waarbij wetenschappelijke kennis of kennis uit de praktijk over zwaar werk wordt doorontwikkeld. Deze kennis kan daardoor beter en vaker worden toegepast door andere sectoren, bedrijven of organisaties. Vakbonden, werkgevers en het ministerie gaan hier de komende periode samen meer invulling aan geven. Tot slot realiseert TNO een expertisecentrum zwaar werk dat onder andere een kennisprogramma opzet, gericht op het verzamelen en delen van kennis rond zwaar werk, Regeling Vervroegde Uittreding (RVU) en duurzame inzetbaarheid. Voorgeschiedenis In het pensioenakkoord uit 2019 was afgesproken dat er € 1 miljard beschikbaar kwam om mensen gezond het pensioen te laten halen. Dit budget was beschikbaar tot en met 2025, en is ingezet in de Maatwerkregeling Duurzame Inzetbaarheid en Eerder Uittreden (MDIEU). In het akkoord ‘Gezond naar het pensioen’ uit oktober 2024 is afgesproken dat de resterende middelen uit dit budget beschikbaar zouden komen voor nieuwe projecten rondom zwaar werk en mensen gezond aan het werk houden. Naar verwachting resteert vanuit de MDIEU ongeveer € 200 miljoen om in de periode tot en met 2030 in te zetten voor deze projecten. Bij de Voorjaarsnota wordt definitief besloten over de inzet van de middelen. Forse ingrepen arbeidsongeschiktheidsstelsel Het arbeidsongeschiktheidsstelsel is vastgelopen. Doorgaan op dezelfde weg is geen optie. Er zijn dringend ingrijpende aanpassingen nodig in de uitvoering én in wet- en regelgeving. Dat staat in het Interdepartementale Beleidsonderzoek (IBO) over de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA). Dit rapport is onlangs aan de Tweede Kamer aangeboden. De samenstellers van het rapport “Werk aan de WIA – naar een stelsel dat weer werkt” adviseren onder meer de sociaal-medische beoordelingen niet meer uitsluitend door verzekeringsartsen te laten uitvoeren en striktere voorwaarden te stellen aan aanvragen voor herbeoordelingen. Ook vinden ze het zinvol de IVA-uitkering (Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten) af te schaffen voor nieuwe gevallen, omdat de beoordelingen daarvoor te complex en tijdrovend zijn. De aanpassingen zijn volgens het onafhankelijk samengestelde rapport noodzakelijk vanwege de stijgende WIA-instroom, de sterk oplopende achterstanden en de structurele tekortkomingen in het stelsel. Deze problemen versterken elkaar en leiden tot langere onzekerheid voor mensen en tot hoge maatschappelijke kosten. Stijgende instroom De afgelopen tien jaar nam het ziekteverzuim en de instroom in de WIA weer fors toe. Het ziekteverzuim ligt ruim boven de 5 procent – vergelijkbaar met het begin van deze eeuw. Jaarlijks stromen meer dan 60.000 mensen de WIA in; rond de invoering van de WIA in 2006 waren dat er ongeveer 35.000. Het aantal mensen dat een uitkering krijgt voor volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid (IVA) is gestegen van 20% naar 40%. In totaal ontvangen nu 600.000 mensen een WIA-uitkering. Dat is één op de dertien verzekerde werknemers. De gestegen instroom valt voor een deel te verklaren door het langer doorwerken van oudere werknemers. Dit komt doordat de pensi-

RkJQdWJsaXNoZXIy NTI5MDA=